Poppenhuisbeurs Arnhem 2010

Gisteren ben ik naar de poppenhuisbeurs in Arnhem geweest. Dat is altijd een hele belevenis en enorm genieten van al het moois dat er te koop en te pronk staat.

poppenhuisbeurs in de Rijnhal

Ik ben voornamelijk op zoek gegaan naar aparte handwerkspulletjes. Kijk maar eens welke leuke miniaturen ik op de kop heb getikt.

miniatuur stoffenwinkelP1050164P1050167

Links: een ieneminie stoffenwinkel. Midden en rechts: een standaard met van alles wat. Vroeger droegen marskramers dergelijke standaards op hun rug om hun koopwaar huis-aan-huis trachten te slijten. Deze spullen komen in de quiltwinkel die ik aan het inrichten ben.

quiltwinkel 1:12

Dit is de quiltwinkel zoals hij nu is, nog lang niet klaar dus. Er moeten nog heel veel lapjes en miniaturen in komen, de rekken donker gebeitst, de vloer gelegd,maar het begin is er.

wolstandaardshandwerkwinkel 1:12

Links: wolstandaards voor de handwerkwinkel. Rechts: de handwerkwinkel in wording. Ook hier moet nog heel veel aan worden toegevoegd, geverfd en gestoffeerd.

Al zijn beide winkels nog lang niet af, toch kan ik er al zo geweldig van genieten.

Dubbele wanten breien


Handschoenen zijn handig, wanten lekker warm, deze tweedelige warmhoudertjes hebben beide eigenschappen. Het zijn zowel polswarmers als handschoenen.

Benodigd:
ca 50 gram rood zuiver wollen, zacht breigaren, 4 breinld nr 2 1/2 zonder knop.

Afkortingen:
st = steek(steken), nld = naald(en), tr = toer(en).

Grondpatroon:
tricotsteek = 1 nld recht op goede, 1 nld averecht op de verkeerde kant van het werk.
In het rond brei je alle nld recht.

Steekgrootte:
25 st en 35 nld = 10×10 cm. Controleer dit, gebruik indien nodig dikkere nld.

Beschrijving:
Verdeeld over 3 nld 48 st opzetten en in het rond 7 cm in boordpatroon breien (= afwisselend 2 st recht, 2 st averecht). Dan verder breien in grondpatroon tot een totale hoogte van 9 cm.

Dan voor de duim als volgt meerderen: voor en na de eerste st van de tr 1 st gedraaid recht breien uit de dwarslus tussen de st. Deze meerderingen elke 2e tr nog 8x op dezelfde plaatsen herhalen. D.w.z. voor de eerste en na de laatste gemeerderde st van de vorige tr 1 st meerderen. Na deze meerderingen de 19 st van de duim op een hulpspeld of -draad zetten. Nu op de plaats van de rustende duim 1 nieuwe st er bij opzetten en over alle 48 st verder breien tot een totale hoogte van 17 cm.

Dubbele wanten
Dan worden de korte vingers gebreid. De want wordt later aangebreid. Voor de vingers over de eerste 16 st (d.w.z. de nieuwe opgezette st + 15) voor de handpalm breien, de volgende 13 st voor de pink op een hulpspeld zetten, 3 nieuwe st er bij opzetten en dan over de overige 19 st van de bovenhand verder breien. Over deze 38 st 3 tr verder breien. Vervolgens de korte vingers afzonderlijk afbreien.

Voor de wijsvinger 6 st van de handpalm, 7 st van de bovenhand en daartussen (tussen wijs- en middelvinger) 3 nieuwe st er bij opzetten.
De st verdelen over de nld zonder knop en in het rond 2 cm in boordpatroon breien. Dan de st afkanten.

Voor de middelvinger 5 st van de handpalm, 6 st van de bovenhand met daartussen (tussen middel- en ringvinger) 2 nieuwe en uit de 3 nieuwe st aan de andere kant 3 st opnemen. Hierover 2 cm in boordpatroon breien en de st afkanten.

Met de overige 14 st de ringvinger breien en daarbij uit de 2 nieuwe st tussen middel- en ringvinger 2 nieuwe st breien. Hierover 2 cm in boord patroon breien en de st afkanten.Â

Voor de pink over de 13 rustende plus de 3 nieuw opgezette st 2 cm in boordpatroon breien. De st afkanten.

Voor de duim de 19 rustende st opnemen plus,de ene nieuw opgezette st en hierover 2 cm in boordpatroon breien. De st afkanten.

Voor de want direct boven de duim met een nieuwe draad uit de bovenkant van de hand uit 1 tr 24 nieuwe st breien, aansluitend 24 nieuwe st er bij opzetten en de st over de nld zonder knop verdelen. In het rond als volgt verder breien: in de eerste 5 tr over de st van de handpalm in boordpatroon en over de st van de bovenkant van de hand in grondpatroon breien. Hierna over alle st in grondpatroon verder breien. Op een totale hoogte van ca 21 cm (even passen op je handen) met de minderingen voor de punt beginnen. Daartoe de eerste 2 st van handpalm en bovenkant afhalen, de volgende st breien en de afgehaalde st hier overheen halen. In diezelfde tr de 2e en 3e voorlaatste st afhalen (van beide delen) de volgende st breien en de afgehaalde st hier overheen halen. Deze minderingen elke 2e tr nog 6x en daarna in elke tr nog 3x herhalen. De laatste 4×2 st tegen elkaar leggen en ze met maassteken aan’ elkaar zetten.

De tweede handschoen in spiegelbeeld breien, d.w.z. met de meerderingen voor de duim aan het eind van de tr beginnen i.p.v. aan het begin.
Dan verder alle andere handelingen op dezelfde manier uitvoeren als bij de eerste handschoen.

Kleine kerstborduurpatroontjes

Zo links en rechts zie en hoor ik dat er al volop kerstkaarten en kerstversieringen gemaakt worden. Nu heb ik een aantal jaren geleden kleine borduurpatroontjes voor de kerst bedacht die oorspronkelijk bedoeld waren om te gebruiken als patroontjes voor poppenhuisminiaturen, maar ze zijn denk ik ook geschikt op kaarten en kleine kerstcadeautjes. Ze zijn niet in kleur, maar het zal niet moeilijk zijn om zelf de kleuren te bedenken. Klik de foto’s aan om ze te vergroten.

kerstpatroon-eigenkerstpatroon-eigen
Veel borduurplezier.

Wokkelsjaal haken

wokkelsjaal

Momenteel zijn zelfgebreide en gehaakte sjaals heel populair, vandaar dit patroon van een wokkelsjaal. Niet schrikken, het is heel gemakkelijk. Als je niet weet hoe je lossen en stokjes moet haken kijk dan even op de site van Jessica Tromp (achtereenvolgens: *haken* en *alle haaksteken op 1 pagina* aanklikken) of op de site van de Hobbydoos (achtereenvolgens: *haken* en *technieken* en *basissteken* aanklikken)

Het principe is als volgt:

* Haak een lossenketting van 150 – 200 cm lang.
* 1e toer: Keren. Steek in de derde losse in om te beginnen en haak in elke losse 3 stokjes
* 2e toer: Keren, 3 keerlossen haken en in elk volgend stokje 2 stokjes haken.
* 3e toer: Keren, 3 keerlossen haken en in elk volgend stokje 1 stokje haken.
Nu alleen nog afhechten en klaar is je sjaal. Het geeft een mooi effect als je de derde toer in een donkerder kleur haakt dan de eerste twee toeren, je benadrukt dan het wokkeleffect.
Veel succes.

Hartje met ophanglus haken

 

Materiaal: rode of witte wol of katoen en bijpassende haaknaald.

Er worden 2 dezelfde delen gehaakt.
Opzet: Begin in het midden van het vierkant. Haak een ketting van 6 lossen en sluit deze met 1 halve vaste tot een ring.

1e toer: 2 lossen, 5 stokjes, *3 lossen, 6 stokjes*. Gedeelte tussen de ** in totaal 3 maal haken. 3 lossen. Toer sluiten met 1 halve vaste.

2e toer: 2 lossen, 4 stokjes (om de beide lussen van het
onderliggende stokje) *3 stokjes en 3 lossen en 3 stokjes om de
onderliggende 3 lossen. 5 stokjes op de onderliggende stokjes*.
Gedeelte tussen de ** in totaal 3 maal haken. 3 stokjes, 3 lossen,
3 stokjes om de onderliggende 3 lossen. Toer sluiten met 1 halve vaste.

3e toer: als 2e toer maar nu beginnen met 2 lossen, 6 stokjes en op de
andere 3 kanten 10 stokjes tussen de hoeken haken. Na de hoek nog
3 stokjes haken en dan met 1 halve vaste de toer sluiten.

1e boog: 4 halve vasten haken om de beide lussen van de
onderliggende stokjes (dit doen we om op de juiste plaats te komen
om verder te haken). Het werk keren. 8 stokjes om de rand tussen
de middelste stokjes in. 4 halve vasten. Het werk keren. 1 losse en
1 stokje om de onderliggende beide lussen, in totaal 8 keer en eindigen
met 1 losse. 3 halve vasten (laatste bij de hoek). Het werk keren.
3 stokjes om elke onderliggende losse. Eindigen met 1 vaste om de hoek.

2e boog: Als 1e boog maar nu beginnen met 6 halve vasten.
Dan 8 stokjes om de rand tussen de middelste stokjes in, 4 halve vasten.
Het werk keren, enz. enz.
Als het tweede deel klaar is de draad niet afbreken maar de beide delen op elkaar leggen en langs de onderzijden aan elkaar haken.
Voor de ophang lus een ketting van ongeveer 40 lossen haken en die langs beide zijden omhaken met vasten.
Tot slot de ophanglus aan het hartje naaien en de draadjes afhechten.