Narcis granny square

gehaakte narcisgehaakte narcis

Het is volop lente en de tuin wordt opgefleurd door zonnig-gele narcissen. Tijd dus voor een granny square met een narcis. Het patroon is voor tweeërlei uitleg vatbaar, want het is niet alleen een granny square, maar zonder de groene omlijsting is het ook een mooi bloempatroon. Aan jullie de keus welke vorm je kiest.

De granny square is gehaakt met haaknaald 4.  Er zijn 2 kleuren garen gebruikt, kleur A en kleur B.

In het patroon komt een “popcorn” voor. Deze gaat als volgt:

Haak 5 stokjes in één steek.

P1070100

Haal de haaknaald uit de laatstgehaakte steek. Steek de haaknaald in de 1e van de 5 stokjes…….

P1070064P1070104

…….en het laatste stokje, maak een omslag

P1070071P1070113
Trek de omslag door de lussen op de haaknaald.

P1070085
Zes popcorns vormen het hart van de narcis.

Afkortingen:

l.= losse/lossen
h.v.= halve vaste/halve vasten
v.= vaste/vasten
volg.= volgende
herh.= herhalen
h.st= half stokje/halve stokjes
st.= stokje/stokjes

Beschrijving:

Zet met kleur A 4 l. op. Sluit met een h.v. tot een ring.

1e toer: 6 v. in de ring.

2e toer: 2 l, * 1 popcorn in de volg. v, 2 l. *. Tussen ** 5x herh. Sluit de toer met een h.v. in de 1e 2-lossenboog van de vorige toer.

3e toer: 9 l, 1 v. in dezelfde 2-lossenboog, 1 l, * 1 v. in de volg. 2-lossenboog, 9 l, 1 v. in dezelfde 2-lossenboog, 1 l. *. Tussen ** 4x herh. Sluit de toer met een h.v. in de 1e l. van de eerste 9-lossenboog van deze toer.

4e toer: * ( 1 v, 1 h.st, 6 st, 3 l, 6 st, 1 h.st, 1 v.) in de 9-lossenboog, 1 v. in de 1-losseboog *. Tussen ** 4x herh., ( 1 v, 1 h.st, 6 st, 3 l, 6 st, 1 h.st, 1 v.) in de laatste 9-lossenboog. Sluit de toer met een h.v. in de volg. v. tussen de bloemblaadjes.

5e toer: Ga verder met kleur B. Hecht aan in de punt van een bloemblaadje. ( 1 l, 1 v.) in de punt, 8 l, * (2 v, 3 l, 2 v.) in de volg. punt, 8 l. *. Tussen ** 4x herh., (2 v, 3 l.) in de eerste punt van de toer, 1 h.v. in de 1e beginl.

6e toer: 3 l.(= 1e st.), 1 st. in de volg. v, 8 st. in de 8-lossenboog, * 1 st. op de volg. 1e v, 1 st. op de 2e v, (2 st, 3 l, 2 st.) in de 3-lossenboog, 1 st. op de volg. v, 1 st. op de 2e v, 8 st. in de 8-lossenboog *. Tussen ** 4x herh., 1 st. op de volg. 1e v, 1 st. op de volg. 2e v, (2 st, 3 l, 2 st) in de 3-lossenboog, 1 h.v. in de 3e beginlosse van de toer.

Veel haakplezier.

gehaakte narcis

Gebreide eierwarmer, kip

gebreide kipgebreide kip

Voor de afwisseling een gebreide kip als eierwarmer.

Het kipje is gebreid op naalden 3,5. Je hebt 3 kleuren garen nodig. Rood voor de kam en de lelletjes onder de snavel, geel voor de snavel en een kleur naar keuze voor het lijf.

In het patroon staat dat je voor de staart moet meerderen door twee rechte steken uit één steek te breien. Dit doe je door de naald eerst achterin de steek te steken, een rechte steek te breien en direct daarna de naald voorin dezelfde steek te steken, een rechte steek te breien en de twee nieuwe steken samen af te halen.

Afkortingen:
nld. = naald/naalden
r. = recht
av. = averecht
st. = steek/steken

 

Lijf: Zet 22 st. op.

Brei 9 nld. boordsteek: 1 st. recht, 1 st. averecht.

Verder alle nld. recht breien.

In elke oneven nld. aan het begin van de nld. 1 st. meerderen.

Nld. 1, 3, 5, 7, 9, 11, 13 en 15:  1 r, 2 st. uit één steek breien, de nld. recht uitbreien

Nld. 2, 4, 6, 8, 10, 12, 14 en 16 recht breien.

Er staan nu 30 st. op de nld.

De steken die gemeerderd zijn vormen de staart ( 8 st.).

Over deze eerste 8 st. op de nld. nog 17 nld. recht breien.

P1060906-1

Volg. nld: brei over de 8 st. van de staart en de 22 st. van het lijf verder als volgt: 1 r, 2 st. samenbreien, de nld. recht uitbreien.

P1060951

Volg. nld: Over de eerste 8 st. brei je 26 nld. recht voor de kop.

P1060953 P1060958

Daarna voor het lijf recht breien over alle st. op de nld. als volgt:

Nld: 1, 3, 5, 7, 9, 11, 13, en 15 recht breien

Nld: 2, 4, 6, 8, 10, 12 en 14 : 1 r, 2 st. samenbreien, de nld. recht uitbreien. ( Aan de  “staartkant”  elke 2e nld. 1 st. minderen)

Je hebt nu weer 22 st. op de nld. staan.

Nu 9 nld. boordsteek ( 1 st. recht, 1 st. averecht) breien. Afkanten.

P1060943
Zo ziet de kip er dubbelgevouwen uit.

Kam op de kop van de kip:  Zet 2 st. op met rood.

1e toer: 1 r, 1 omslag, 1 r.

2e toer: recht. ( 3 st.)

3e toer: 2 r, 1 omslag, 1 r.

4e toer: recht ( 4 st.)

5e toer: 3 r, 1 omslag, 1 r.

6e toer: 3 st. afkanten, 1 r. ( 2 st.)

De 1e t/m 6e toer 2x herhalen.

Laatste toer: 2 st. afkanten.

Snavel: Brei voor de snavel hetzelfde patroon als voor de kam, maar herhaal de 1e t/m 6e toer 1x.

Lelletjes onder de snavel: Zet 2 st. op en brei 9 nld. recht. Afkanten.

Afwerking: Borduur de ogen, de vleugels en de staartveren zoals op de foto’s. Naai de kop, de staart en de zijnaden dicht.

gebreide kipgebreide kip
gebreide kip

Je kunt deze kip ook opvullen en de onderkant dichtnaaien, dan heb je een klein knuffelkipje.

Succes.

Slinger van vlinders voor een klein feestje

P1060967slingerP1060968

Vandaag is het precies een half jaar geleden dat ik met mijn handwerkweblog begon. Handwerken is leuk en dat wilde ik graag laten zien. Ik hoopte er veel mensen een plezier mee te doen. Nou, dat is zeker gelukt. Zóveel leuke reacties en lieve complimenten had ik niet gedacht te krijgen, ik  dank jullie hartelijk daarvoor. Het aantal lezers en lezeressen groeit en groeit en ik vind het reuze gezellig dat jullie regelmatig langskomen. Ik zit nog boordevol ideeën en heb een hele lange lijst met onderwerpen die allemaal een plekje op het blog zullen krijgen. Als jullie kleine patronen weten, die jullie graag zouden zien langskomen, laat het maar weten, dan zal ik proberen om ze uit te voeren en te beschrijven.

gehaakte vlindergehaakte vlindergehaakte vlinder

gehaakte vlinder

Het patroon van de vlindertjes die op de foto’s aan de slinger hangen, heeft op de website van de Hobbydoos gestaan, maar ik kan het daarop niet meer vinden. Dus schrijf ik het hier op, zodat jullie deze aardige vlindertjes ook kunnen haken. Je hebt garen naar keuze en een bijpassende haaknaald nodig. De vlinders op de foto zijn met krullint gehaakt, ik heb daar haaknaald 4 mm voor gebruikt. Het idee om met krullint te haken heb ik ooit ergens op internet gelezen.

Zet 8 lossen op. Sluit met een halve losse tot een ring.

1e toer: 3 lossen(= 1e stokje), 2 stokjes, * 3 lossen, 3 stokjes *. Tussen ** 6x herhalen, 3 lossen. Sluit de toer met een halve losse in de 3e beginlosse. Je hebt nu 8 groepjes van 3 stokjes.

2e toer: In elk van de volgende 2 stokjes 1 halve vaste, * (1 vaste, 2 stokjes, 1 dubbel stokje, 2 stokjes, 1 vaste) in de 3-lossenboog, sla de volgende 3 stokjes over *. Tussen ** 7x herhalen. Sluit de toer met een halve vaste in de 3e beginlosse.

Het haakwerk ziet er nu uit als een bloem met 8 blaadjes. Vouw nu deze “bloem” dubbel en zorg dat de laatste steek onderaan het lijfje in het midden zit. Haak 10 lossen, sla deze lossenketting om het lijfje heen zoals je op de foto kunt zien en haak een halve vaste in de 1e losse van deze lossenketting. Hecht de draad af.

Haak een lossenketting van 15 lossen, dit zijn de voelsprieten, haal deze lossenketting bovenaan door de lossenketting om het lijfje. Steek de draad aan het eind van de voelsprieten een paar maal door de eindlosse heen zodat er een klein bobbeltje ontstaat. Hecht de draden af. Je kunt naar wens de vlinder rondom de vleugels dichtnaaien of haken.

Veel haakplezier en tot ziens.

Gehaakte eierwarmer, granny square

P1060890P1060900

Voor deze eierwarmer heb ik twee driehoek granny squares gehaakt. Hij is een beetje groot uitgevallen (de zijkanten zijn 12 cm), want ik heb op haaknaalden 4 gehaakt. Als je een dunnere haaknaald gebruikt dan wordt hij vanzelf kleiner.

Je hebt 3 kleuren garen nodig, (kleur A, B en C) en een bijpassende haaknaald.

Afkortingen:

l.= losse/lossen
h.v.= halve vaste/vasten
st.= stokje/stokjes

Zet 4 l. op. Sluit met een h.v. tot een ring.

1e toer: 3 l. (= 1e st.), 3 st. in de ring, 1 l, 4 st. in de ring, 1 l, 4 st. in de ring, 1 l. Sluit de toer met een h.v. Hecht de draad af.

2e toer: Haak verder met kleur B.

3 l. (= 1e st.), in een 1-losseboog, 3 st. in dezelfde 1-losseboog, 1 l, * ( 4 st, 1 l, 4 st.) in de volg. 1-losseboog, 1 l. *. Tussen ** 1x herhalen, 4 st. in de volgende 1-losseboog, 1 l. Sluit de toer met een h.v. in de 3e beginlosse. Hecht de draad af.

3e toer: Haak verder met kleur C.

3 l. (= 1e st.) in de 1-losseboog tussen de 4-stokjesgroepen op een punt van de driehoek,

P1060876

 

3 st. in dezelfde 1-losseboog,

P1060878

1 l, * 4 st. in de volgende 1-losseboog, 1 l, ( 4 st, 1 l, 4 st.) in de volgende 1-losseboog, 1 l.) *. Tussen ** 1x herhalen, 4 st. in de volgende 1-losseboog, 1 l, 4 st. in de volgende 1-losseboog, 1 l, 1 h.v. in de 3e beginlosse.

4e toer: 3 l. 9= 1e st.), 1 st. in elk st. en 1-losseboog, ( 1 st, 1 l, 1 st.) in de 1-losseboog op elke punt van de driehoek. Sluit de toer met 1 h.v. in de 3e beginlosse.

Haak een 2e driehoek op dezelfde manier.

Met kleur B de driehoeken aan elkaar haken.

P1060884P1060887

 

Langs de 2 laatste zijkanten voor de onderkant een toer vasten haken.

Veel haakplezier.

Gehaakte eierwarmer, mutsje.

gehaakte eierwarmergehaakte eierwarmer

In deze eierwarmer zijn twee haaktechnieken verwerkt: spiraalhaakwerk en reliëfstokjes. Bij spiraalhaakwerk draaien de kleuren om elkaar heen zonder dat je telkens een nieuwe kleur moet aanhechten ( en afhechten Knipogende emoticon). Reliëfstokjes haak je niet in de lussen, maar je haakt om een onderliggend stokje heen.

Deze eierwarmer is met 3 kleuren gehaakt, maar als je de techniek van het spiraalhaken kent, dan kun je zelf het aantal kleuren bepalen.  Onder de categorie haaktechnieken en spiraalhaakwerk hier in de linkerkolom staat het spiraalhaken ook nog duidelijk uitgelegd, maar misschien zijn de foto’s hier duidelijk genoeg.

Ik heb haaknaald 3,5 mm. gebruikt en geel (kleur A), paars (kleur B) en groen (kleur C).

Zet met kleur A 4 lossen op. Sluit met een halve vaste tot een ring.

1e toer: 1 losse, 1 half stokje, 2 stokjes in de ring. Trek de laatste lus op tot een grote lus en laat hem hangen. Na deze laatste steek van kleur A verder gaan met kleur B. 1 losse, 1 half stokje, 2 stokjes in de ring. Trek de laatste lus op tot een grote lus en laat hem hangen. Hetzelfde doe je met kleur C.

P1060843
De 1e toer is klaar. Geel (A), paars (B) en groen (C).

De volgende toer kun je met elke willekeurige kleur beginnen. Ik ben met kleur B verdergegaan, maar dat maakt in principe geen verschil. Je meerdert voortdurend door 2 stokjes in elk volgend stokje te haken.

Met kleur B haak je op elke steek van kleur C  2 stokjes. Haak zo door tot de loshangende grote lus van kleur C. Trek de laatste lus van kleur B  op en laat hem hangen. Haak met kleur C over de steken van kleur A tot de loshangende grote lus van kleur A. Trek de laatste lus van kleur C op en laat hem hangen. Haak met kleur A over de steken van kleur B en zorg er voor dat de afstanden tussen de laatste steek van elke kleur ongeveer even groot is.

P1060845

P1060848

Nu haak je beurtelings met de kleuren door, 2 stokjes in elk stokje. Zodra je bij een grote lus van een andere kleur komt, dan trek je de draad van de kleur waar je mee bezig bent op tot een grote lus die je laat hangen. Je steekt de haaknaald in de grote lus van de volgende kleur, trek deze aan en haakt verder. Je haakt door totdat je een rondje hebt van ongeveer 6 à 7 cm. Zorg dat het rondje plat blijft. Als het gaat bobbelen moet je iets minder meerderen.

P1060854

Nu ga je reliëfstokjes haken.  Je maakt een omslag en steekt dan met de haaknaald achter langs om een onderliggend stokje, omslag, trek de haaknaald terug en haak het stokje. Je stopt met meerderen zodat de vorm van een mutsje ontstaat.

P1060859P1060860

Haak verder met de kleur waar je mee bezig bent 1 stokje in het volgende stokje, 1 reliëfstokje om het volgende stokje. Haak zo door totdat de eierwarmer 9 cm hoog is. Haak tot slot met één van de kleuren 2 toeren vasten en als laatste 1 toer halve vasten.

Veel haakplezier.